Hoe groot is mijn licht?

Als spirituele mens onderweg vragen we ons wel eens af: “Hoe ver zou ik staan?  Hoe groot of hoe klein zou mijn licht wel zijn…?” En we weten het antwoord niet. Het ene moment voelt men zich gegroeid, en dan weer helemaal klein en ‘nog o zovéél te leren’.  Heel menselijk dat dit door ons heen gaat. En graag weten we het antwoord, maar er is geen antwoord op deze vraag, toch niet in aardse termen of waarden uit te drukken.

Gisteren hoorde ik een eenvoudig liedje dat me ‘aanstak’, een liedje waarin veel kracht zit als we het durven zingen of in ons hoofd en hart laten klinken; een liedje met leuke melodie waaruit we troost, vreugde, enthousiasme kunnen putten:

This little light of mine, I’m gonne let it shine…

let it shine, let is shine, let is shine…

‘Dit kleine lichtje van mij, ik ga het laten schijnen…’

(Een heel aanstekelijk in jongerenversie op Youtube)

 De vraag is niet: “Hoe groot of hoe klein is mijn licht?” Wel het wéten dat God ons vanuit Zijn Licht heeft geschapen en dat telkens we hieraan denken en hier blij voor zijn, dit vlammetje straalt. Onze adem geeft dit vlammetje zuurstof en onze warme aandacht geeft dit aan vlammetje straling. Niet moeilijk toch? Daar hoeven we geen geleerde boeken voor te lezen, geen intense cursussen volgen. Dit mag natuurlijk, maar hoeft niet perse!

 Je hebt ze vast ook wel al ontmoet: mensen die stralen en die – voor zo ver we weten – nooit bewust spiritueel bezig zijn. Maar ze zijn blij met wie ze zijn, ze stralen iets uit dat raakt, dat je een positief gevoel geeft, iets dat je voedt binnenin. Dus niet de vraag ‘hoe groot is mijn licht’ is van belang,  wel het weten dat  ik, jij, dat ieder mens een lichtje in zich draagt. En gewoon héél blij zijn met jezelf, blij zijn met jouw lichtje. Want vele kleine lichtjes maken de wereld helder. En een klein lichtje kan toch iemand die je ontmoet – die misschien net heel diep zit – toch weer ‘aansteken’ en zijn of haar smeulend vlammetje weer aansporen en doen opleven.  Gewoon blij en dankbaar zijn om jezelf, genieten van wie je bent, en innerlijk of uiterlijk een liedje zingen… Kost niets, maar het verwarmt de hele mensheid!!

En is er een stemmetje van triest, boosheid, afkeer of ontgoocheling, laat het ook even klinken! Duw het niet weg, maar geef er klank aan, of schrijf het van je af, of vertel het aan de natuur, of spreek met iemand in vertrouwen… Dan kan het je lichaam verlaten.  Als dit er óók mag zijn en ook eens mag gehoord worden (vooral door jezelf) dan komt er ruimte vrij voor vernieuwing. Het krampachtig wegduwen, het ‘niet spiritueel’ vinden of het wégredeneren is een vorm van zelfbedrog. Het is er toch, of je het nu wilt voelen of niet. In het doorvoelen – wat uiteraard niet altijd prettig is –  ligt toch de bevrijding.

This pain in me, this sadness in me, I’m gonne let it flow…

Deze pijn, deze droefheid in mij, ik laat het stromen…

 Als de emotie mag stromen, als je ze uit+drukt, geeft dat verlichting. Het voelt lichter en stilaan komt er weer plaats vrij voor het lichtstemmetje

This little licht of mine, I’m gonne let it shine…

This little soul of me, I’m gonne let it shine,

this little heart of me, I’m gonne let it speak,

this little love in me, I’m gonne let it flow,

… …

Laat de kunstenaar in jou zijn gangetje maar gaan!

Ludo geeft het zo aan :

Die vonk die in u zit, moet u groter durven laten zijn. Als u nu durft zeggen: “Ik heb een klein kaarsvlammeke in mijn lichaam, de grootte van dat. Dat is al heel groot, hoor. Want een atoom is klein. Dat vlammeke wil ik groter maken.” Wat doet ge dan? Wie kan antwoorden? (schuin = antwoorden uit de zaal )  

  • Lief zijn.
  • Heel zeker. Wat nog?
  • Het Christusbewustzijn ontwikkelen.
  • Goed. Wat nog? Wat zou je doen om die vlam groter te laten worden?
  • Zuurstof geven.
  • Zuurstof geven, inderdaad,  pranajana, juist ademen.
  • Ontvankelijk zijn.
  • Ontvankelijk zijn, zeker waar. Wat nog?

Het belangrijkste is hier: denken! Denken! U verbinden in denk­vermogen, in het eeuwigdurende Verbond verbonden te zijn met Jezus Christus. Dus, u weet al, Onze Heer heeft gezegd: “Ik ben gekomen om een nieuw eeuwigdurend Verbond te stichten.” Een eeuwigdurend verbond wil zeggen iets wat eeuwig zal blijven duren. Hij heeft het gesticht en niemand kan het Verbond verbreken, niemand. Als ge dat nu weet dat ge eeuwigdurend verbonden zijt in alle eeuwigheid, AUM, dan moet er toch een zaligheid in uw hart te voelen zijn. Want ge weet dan toch dat ge nooit verloren kunt gaan, als ge die verbondenheid wilt voelen. Voelt u dat? Dus zo maakt u uw vlam groter.  (Ludo)

kaarsvlam

 

 

 

 

 

 

š›

Reacties zijn gesloten.